Het ontwerpen van een modelbaan (deel 2)

Deel twee uit een serie over het ontwerpen van een modelbaan.
(klik op de link om de overige berichten te lezen)

In deze serie bespreken we de ‘theorie’ achter het ontwerpen van een modelbaan met als hoofddoel om een modelbaan te ontwerpen die ‘past’ bij jou.

In dit deel kijken we naar het maken van keuzes tijdens het ontwerpen van een modelbaan. 


“In mijn ‘ideale’ wereld heb ik onbeperkte ruimte, tijd en (niet te vergeten) geld, om een modelbaan te maken.”


Dat was althans mijn gedachte toen ik interesse ontwikkelde voor een modelbaan.

empl-halls_16-6-5_
Het rangeerterrein van Hallsberg (Zweden) op 16-6-2005

Totdat de realiteit mij inhaalde en ik ontdekte dat er legio mensen waren gestrand in hun grote plannen die na jaren nog niet verder waren gekomen dan rails op spaanplaat.
Zelfs al zou ik onbeperkte ruimte, tijd en geld hebben, dan nog zou mijn modelbaan ‘beperkt’ zijn en moest ik ‘dus’ keuzes maken in wat ik allemaal goed neer kon zetten.

Ik heb niet het idee dat ik de wijsheid in pacht heb, maar kan wel een aantal vragen stellen om de keuzes duidelijk te maken die bepalen hoe we onze modelbaan kunnen gaan ontwerpen.

In het eerste deel hebben we gekeken naar wat ons aanspreekt in het modelbouwen. In mijn geval betekent dit:

  • Kleine thema’s, met veel sfeer.
  • Rangeren met een buurtgoederentrein
  • Stille raccordementen
  • Diesellijntjes
  • Rij mogelijkheden, maar ook landschap + gebouwen.

empl-dals_lang_4-8-6_01
Het verlaten stationnetje van Dåls Långed (Zweden) op 4-8-2006

Keuzes

1. Hoe realistisch moet onze modelbaan worden?

Deze vraag bepaalt hoeveel ‘speelruimte’ we hebben om de waarheid 1 op 1 na te kunnen bouwen, of dat we ‘moeten’ kiezen om bepaalde elementen weg te laten of te verkleinen.

Een omloopspoor van 4 wagons zal in de praktijk niet zo snel voorkomen, maar neemt op een gemiddelde modelbaan al aardig wat ruimte in beslag.
Datzelfde geldt voor een perron waar 2 treinstellen aan kunnen staan. De meeste stations hebben langere perrons, maar dan kunnen we direct een extra zolder reserveren (of enkele wensen schrappen).

Voor mijzelf geldt dat ik redelijk waarheidsgetrouw wil bouwen, maar dat er zo nu en dan best wat geschrapt mag worden als dat beter uitkomt.
Zolang er geen onlogische situaties ontstaan, kan ik daar prima mee leven.

2. Welke onderwerpen heb ik in gedachten om na te bouwen?

Tja, hier moeten we waarschijnlijk kritisch zijn en deze vraag moet ik mijzelf zo nu en dan opnieuw stellen.
Denk mogelijk ook in meerdere banen (na deze komt er vast nog wel een volgende), zodat je bepaalde onderwerpen door kunt schuiven.
Daarmee voorkom je dat je teveel op één modelbaan wilt proppen en kun je de onderwerpen de aandacht (en ruimte) geven die ze verdienen.

2a. Welke zijn ‘must haves’

  • Minstens twee laad / los plaatsen (raccordement, loods, loswal etc.)
  • Overweg
  • Hoofdspoor met aftakkend wissel
  • Straatspoor
  • Flauwe bogen
  • Wegkijk punten (waar de trein even uit beeld is)
  • Spoor tussen gebouwen
  • Rangeermogelijkheden zijn een must have.
  • Dieselspoor

d-t44-398_osk_14-8-6_17De T44 398 in een loods bij Oskarshamn (Zweden) met straatspoor.
14-8-2006

2b. Welke ‘nice to haves’

  • Omloopmogelijkheid
  • Perron / station / halte
  • Losweg
  • Iets met water (bijv. brug)
  • Goederenloods
  • Kopspoor met stootjuk
  • Overwoekerd spoor

empl-lysekil_9-8-6_10
Lysekil (Zweden) 9-8-2006 met een mooie combinatie van gebogen spoor, straatspoor en een kade. 

2c. Welke onderwerpen zijn ‘alleen als er ruimte over is’

  • Locverzorging
  • Brug
  • Kade

Dat zijn aardig wat onderwerpen, dus mogelijk moet ik e.e.a. nog op volgorde zetten of echt kiezen om alles in m’n gestelde ruimte / tijd / geld combinatie te kunnen laten passen.

3. Hoeveel ruimte, tijd en geld is er beschikbaar.

Een onvermijdelijke vraag….
Ga hier niet te ruim zitten (de laatste twee in ieder geval), want de ogen zijn groter dan de maag.
Op dit moment heb ik de beschikking over een kamer(tje) waarin 2 modules van 140 x 80 passen. Mogelijk kan er nog een L vorm gerealiseerd worden, aangezien de vrije diepte ongeveer 120 is.

empl-delfzijl131-10-09-04
Zelfs een kleine losplaats zoals deze vraagt al veel ruimte in H0, Akzo Delfzijl 10-9-2004

Dit is een forse beperking, maar tevens een uitdaging om hier iets leuks te maken.
Bijkomend voordeel van deze beperking is dat tijd en geld waarschijnlijk niet de bottleneck zullen vormen.

4. Welk land gaan we nabouwen?
Ik heb meerdere ontwerpen gemaakt, maar de meeste zijn Nederlands of Zweeds.

d-6413_Emmen_2013-07-31_7-26
De bediening van Emmtec (Emmen) met de 6413 op 31-7-2013 vormt een mooi thema voor ‘mijn’ modelbaan met het spoor tussen de bomen. 

5. Welk tijdperk spreekt mij het meeste aan?
Voor mij geldt, dat ik het meest word aangetrokken tot de periode 1960  – 1990, de tijd dat goederenvervoer nog ‘iets’ voorstelde in Nederland.

6. Vaste of modulaire modelbaan?
Ik wil ook graag ‘op toer’ met m’n baan, dus moet deze handzaam en modulair worden ontworpen.

Als ik deze zes vragen combineer met de redenen waarom ik graag een modelbaan wil (zie bovenaan dit hoofdstuk), dan hebben we volgens mij genoeg om te kiezen.

Gevolgen en tekenen
En dan is het tijd om de keuzes die we hebben gemaakt, de antwoorden op de vragen, te verwerken en te kijken wat de gevolgen zijn voor het ontwerp.
Voor mij betekent dat: tekenen!
Maar daarover schrijf ik verder in het volgende hoofdstuk.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *